dinsdag 17 juni 2014

naar Les Landes 1

Vandaag heb ik samen met Henk opgelopen. Al wandelend leer je elkaar al snel beter kennen. Hoewel Henk een paar jaar jonger is dan ik, is er veel gemeenschappelijks merk ik. Hij voelt zich al een tijdje niet meer op zijn plek in zijn werk. Henk werkt al meer dan 35 jaar bij het zelfde dienstverlenende bedrijf en heeft een zware leidinggevende positie. Maar zo langzamerhand voelt hij zich niet meer echt thuis, te meer omdat hij niet echt achter het beleid kan staan. Hij is een mensenmens en een verbinder en alles draait om productie en efficiency verbetering in het bedrijf. Dus tijd om het roer om te gooien. Henk heeft een regeling kunnen treffen en zal het bedrijf binnenkort verlaten. De vraag is nu natuurlijk wat hij daarna wil gaan doen. Naast zijn werk is hij al werkzaam als coach en misschien is dat wel wat. Allemaal zeer herkenbaar voor mij. De laatste jaren bij NS waren voor mij ook best zwaar omdat ik niet echt meer verbinding voelde met het bedrijf en met name de managementcultuur. Ik was en ben nog steeds blij en dankbaar dat ik daar op een goede manier ben uitgekomen; vooral omdat er daarna zoveel nieuwe en mooie dingen zijn gekomen, zoals mijn werk voor de stomavereniging. Het is heel mooi om daar met iemand in dezelfde situatie over te kunnen praten en we zijn dan ook al snel in intensief gesprek. We hebben het natuurlijk niet alleen over het werk, maar ook over hoe het thuis is en waarom we hier zijn. Henk heeft thuis een vrouw en drie dochters op wie hij zichtbaar trots is. In elk geval gaan zijn ogen glinsteren als hij over ze vertelt. Weer een mooi mens ontmoet!
In de loop van de middag komen we aan in La Reole, een gezellig stadje. Ik kom in een mooie oude Chambre d' hote terecht met een prachtige houten trap en dito inrichting. Omdat het nog steeds zo warm is, krijg ik eerst wat te drinken in de tuin die vol staat met bloemen. 's Avonds ga ik met Henk eten in een Italiaans restaurant wat ook weer lekker en gezellig is. Morgen wordt weer erg warm weer  verwacht dus ik wil vroeg weg zien te komen. Dat lukt goed en ik loop lekker door zodat ik al weer op tijd in Bazas arriveer. Vanavond speelt het Nederlands elftal de eerste wedstrijd en we willen die met een paar mensen in een cafe gaan bekijken. Maar eerst even in de opvang. Mike en Roelien komen aangelopen en Roelien kondigt aan dat ze doodgaat. Nou valt dat uiteindelijk wel mee, maar enigszins oververhit is ze wel geraakt onderweg. Dus eerst maar een koud biertje erin. Een half uurtje later ziet de wereld er al weer heel anders uit en is Roelien weer in het land der levenden. Althans nog net want ze ziet ook nog kans bijna met stoel en al achterover te storten. Gedrieen lopen we naar onze B&B dat zich voor de verandering weer eens in een echt kasteel aan de rand van de stad bevindt. Henk heeft al eerder een hotelletje geboekt.  Weer heb ik geluk met mijn kamer want die is aan de voorkant op de eerste etage, zodat ik als een echte kasteelheer mijn landgoed, nou ja, forse tuin kan overzien. De dame van het kasteel heeft ook voor ons gekookt en ze is een beetje teleurgesteld als ze hoort dat we vanavond liever met elkaar in een cafe naar het voetbal kijken dan met haar op het kasteel; maar ja we zetten toch door en vertrekken weer naar de stad. Daar hebben we een fantastische avond vanwege de eclatante overwinning van Nederland op Spanje. De lokale bevolking biedt ons spontaan drankjes aan, zodat we niet voor middernacht in bed liggen.
De volgende morgen ga ik alleen op weg voor de volgende etappe naar een gehucht net voorbij Captieux. Daar zullen we elkaar weer zien in een gite en ook met zijn vieren eten. Eerst zullen we in Captieux boodschappen doen en van daaruit samen verder lopen
Al na vijf minuten is er een probleem. Net buiten het dorp verspert een reusachtige herder met grote tanden mij luid blaffend de weg. Hij is niet onder de indruk van mijn hondenverjaagapparaatje en komt zelfs grommend op me af. Daar heb ik geen trek in en ik besluit om te draaien en een andere weg te zoeken. Met tegenzin en alle Franse hondenbezitters vervloekend vervolg ik mijn weg. Onderweg kom ik bij de eerste bocht al een Franse vrouw tegen die we al eerder hebben gezien. Als ze mijn verhaal hoort sluit ze zich direct bij me aan, want ze is bang voor honden. We lopen samen verder tot we weer op een gemarkeerd punt zijn en dan loop ik weer alleen verder, want mijn tempo ligt veel hoger. Op een gegeven moment raak ik de markering weer kwijt en ben ik weer eens verdwaald. Dat gebeurt me de laatste dagen steeds. Eigenwijs zijn en afwijken van de route heeft me tot nu toe weinig goeds gebracht. Na een tijdje dwalen kom ik bij een autoweg met een hek. Ik besluit er maar een tijdje langs te lopen, want het is in elk geval de goede richting. Wonder boven wonder kom ik bij een viaduct waar ik de autoweg over kan. En al gauw zit ik weer op de route. Tot mijn verbazing zie ik even later Henk uit een zijweggetje komen. Hij had dus gewoon de route gevolgd en was prima uitgekomen. Samen lopen we naar Captieux waar we op het terras lekker lunchen terwijl we op de anderen wachten

Greta

De pelgrimsherberg in La Ferme wordt geleid door Greta, een Belgische vrouw van in de vijftig. Echt een prachtmens. Vrolijk en behulpzaam en helemaal bij de tijd. Met een enorme vrolijkheid en energie doet ze alles wat gedaan moet worden. Mensen ontvangen, uitleg geven, plekken verdelen, koken en administratie. Greta is zelf ook pelgrim geweest. Dat is een voorwaarde om als gastheer in een huis van het genootschap te mogen optreden. Ze is hier voor een maand en gaat dan weer naar huis. Een slimme manier om een herberg te runnen lijkt me. Onder het werk praat Greta hartelijk mee en het valt me op hoe authentiek en rustig ze haar werk doet, terwijl ze ook nog onophoudelijk met ons praat. De herberg is vandaag overvol want er heeft zich ook nog iemand gemeld, die niet had gereserveerd. Maar zoals Greta terecht zegt, die kun je toch niet laten staan; dus ook daar wordt op zolder een oplossing voor gevonden.
Aan tafel is het een gezellige boel. Naast Mike en Roelien zijn er ook twee Franse pelgrims aangeschoven en inmiddels is ook Henk gearriveerd. Greta heeft heerlijk gekookt en we krijgen zowaar ook nog kaas en een nagerecht. Vervolgens komt er een man langs die ons de abdij wil laten zien en zo lopen we door het avondlicht naar de prachtige oude abdijkerk. Zoals gewoonlijk is hier ook weer behoorlijk wat afgevochten en is de kerk al een aantal keren verwoest. Nu is de abdij zelf inmiddels in gebruik als gemeentehuis en van binnen mooi gerestaureerd. De kerk heeft een prachtige akoestiek die natuurlijk moet worden uitgeprobeerd.
De volgende morgen staat Greta al weer in ochtenjas gereed voor het ontbijt en heeft voor ons allemaal weer een vriendelijk woord of goede raad. Heel bijzonder om zo'n lieve betrokken vrouw te ontmoeten. Ze is zo helemaal zichzelf en op haar plaats hier en het geeft me enorm veel energie haar hier bezig te zien



Mike en Roelien komen aan in La Ferme; warm!

Abdij

Aan tafel bij Greta


zondag 15 juni 2014

naar Sainte Foy la Grande en La Ferme

De tocht naar Sainte Foy  loop ik samen met Mike en Roelien. We nemen de D-weg die weliswaar wat drukker is dan de officiele route, maar ook sneller. Er is bijna geen verkeer dus dat gaat prima. Het is toch nog best een eindje, maar we stappen flink door, zodat we nog redelijk op tijd in Sainte Foy zijn. Onderweg wordt natuurlijk weer het nodige afgekletst over luchtige en minder luchtige zaken. Als we aangekomen zijn, gaan we ieder naar ons hotel. Zelf vind ik het wel fijn om weer even alleen te zijn en zij ook denk ik, dus we eten niet samen en zullen elkaar morgen wel weer ergens zien. In elk geval morgenavond want we hebben in dezelfde gite gereserveerd. Voor het diner kom ik in een keurig restaurant met terras terecht en wat ik al vermoedde, het wordt gedreven door een buitenlands stel. Hij is Nederlands en zij Belgisch. Al snel gaat het gesprek over zakendoen in Frankrijk en de situatie in het land. Van meneer krijg ik de indruk dat hij vooral vindt dat er te veel buitenlanders zijn. Die kant wil ik niet op met het gesprek en gooi het dus maar over een andere boeg. Later mengt ook een ander belgisch gastenpaar zich in het gesprek en zo wordt het toch een heel gezellige avond met prima eten. Het hotel waar ik overnacht is ok, maar wel geheel leeg en een beetje troosteloos, maar ach het bed is goed. Helaas wordt ik 's nachts geheel opgegeten door de muggen zodat ik niet echt de beste nacht tot nu toe heb. 's Morgens eerst maar eens langs de apotheek voor anti muggenspul. Dat zal die krengen leren! Daarna nog even langs de bakker en dan op pad. Ik maak een vliegende start en de eerste tien kilometers gaan als een zonnetje. Daarna verloop ik me toch weer blijkbaar en maak zo weer wat extra kilometers. Op zich niet zo erg, ware het niet dat het wel heel warm begint te worden. Gelukkig is er zo'n tien kilometer voor het eind een dorp met een prima kroeg. Deze keer maar even binnen zitten, want buiten is echt te heet. Binnen tref ik een overduidelijk stel Nederlandse pensionado's die lekker aan de wijn zitten. Ze trekken al twee maanden rond door het land en zijn echt aan het genieten zo te zien. Vanuit een ooghoek zie ik een mij onbekende pelgrim aankomen. Wie kan dat zijn? Het is toch bijna onmogelijk dat je zo maar een nieuw iemand tegenkomt die je niet eerder hebt gezien of van wie je tenminste hebt gehoord. Als ik wegga spreek ik hem maar even aan. Het blijkt Henk uit Harderwijk te zijn die gisteren met het vliegtuig is aangekomen in Bergerac en die nu voor de derde keer een stuk van de route naar Santiago gaat lopen in de komende drie weken. Het lijkt me een aardige gast, maar veel tijd om kennis te maken is er niet, want het is bloedheet en ik moet nog een aantal kilometers lopen om bij de gite in La Ferme te komen. Dat kennismaken komt wel, want hij gaat ook die kant op straks en zal daar ook overnachten. De laatste kilometers gooi ik hem in de hoogste versnelling om er zo snel mogelijk te zijn. Dat levert wel heel veel zweet op, maar met een paar goeie flessen water is dat geen probleem en een uur en een kwartier later kom ik aan in La Ferme. Een heel klein dorpje met een enorme abdijkerk en natuurlijk een pelgrimsgite van de Franse Jakobsvereniging. De ontvangst door de gastvrouw is allerhartelijkst en het koele water doet ook goed. Het ziet er allemaal erg proper en goed verzorgd uit, dus dat  zal wel goedkomen.





donderdag 12 juni 2014

Een rampzalige middag met een happy end

Om half twee zet Jack me weer af in Neuvic bij de kerk. Hij rijdt door naar Bordeaux om terug te vliegen naar Nederland en ik loop vanaf hier naar Mussidan. Niet zo heel ver, zo'n vijftien kilometer, maar het is werkelijk bloedheet en vochtig. Na het afscheid pak ik de moed weer bij elkaar en ga enigszins triest op weg. We zullen elkaar immers zo'n zeven weken niet zien. Ik ben nog niet het dorp uit of het begint al te spatten. Zo vochtig en drukkend is het dat het zelfs een beetje regent, hoewel de zon ook schijnt. Het zet gelukkig niet door zodat de cape in de rugzak kan blijven. Iets anders is, dat mijn teen weer begint op te spelen. Vandaag heb ik voor het eerst mijn nieuwe schoenen aan die Jack heeft meegenomen en ik merk het meteen. Hoewel de schoenen goed zitten heb ik toch weer drukpijn. Onderweg stop ik een aantal keren om de tenen goed te scheiden met watten, zoals Patrick de Verlosser uit Sezanne me heeft geleerd. Dat helpt wel maar fijn is anders. De laatste kilometers strompel ik toch een beetje meer dan dat ik loop en ik ben heel blij als ik eindelijk Mussidan binnenloop. Dat moet een behoorlijke stad zijn en ik heb daar voor het weekend een hotel gereserveerd. Dat is maar goed ook, want werkelijk alles is dicht hier op tweede Pinksterdag. Alle restaurants, winkels, bars en terrassen zijn naar goed Frans gebruik natuurlijk potdicht. Gelukkig heeft Jack mijn noodvoorraad aangevuld met cakejes en powerbars zodat ik in het ergste geval in ieder geval iets naar binnen kan krijgen. Wat minder leuk is, is dat mijn hotel ook dicht en verlaten is. Het ziet er trouwens ook niet echt aantrekkelijk uit. Ik probeer te bellen, maar een nummer is niet aangesloten en op het andere nummer krijg ik een bandje. Nu zakt de moed me toch wel even in de schoenen. Geen overnachtingsplek en geen eten voorhanden en het is al na zessen. Wat te doen. Ik besluit eerst maar eens rond te kijken of er toch nog iets open is. Al gauw kom ik twee andere Franse pelgrims tegen, die me melden, dat de lokale gite ook vol zit, maar dat als ik niks vind ze me wel een stuk brood zullen geven. Er opwekkend en hoopvol. Dan maar op zoek naar de gite om te zien of ze daar misschien een nummer van het hotel hebben dat werkt. Als ik bij de gite aankomt, stapt net Roelien naar buiten. Heel fijn dat ik een bekende zie, die ik meteen de volle laag kan geven met mijn ellende.  Zij hebben gelukkig wel een plek daar, maar alles is inderdaad vol. De mevrouw die het regelt is net aanwezig en zij helpt me aan een telefoonnummer van het hotel, dat overigens hetzelfde is als ik zelf had. Weer geen antwoord. Balen! Nu komt de mevrouw van de gite in actie en zegt, dat als het met het hotel niks wordt, dat zij dan een plek voor me heeft in een andere gite, die ze eigenlijk niet mag verhuren, maar nood breekt wet. Eerst gaat ze thuis douchen en eten en daarna komt ze terug om eventueel wat te regelen. Dat helpt! Roelien heeft inmiddels uitgevonden dat een eindje verderop bij het park een pizzatent moet zijn die open is. We gaan op zoek en vinden inderdaad een pizzabakker die weliswaar geen tafels en stoelen heeft, maar wel pizza's en nog beter, ook koude rose. Zo zitten we een half uurtje later met zijn drieen in het park heerlijk pizza te eten uit een doos met koude rose. Dan ziet het leven er ineens veel kleuriger uit, want ik zat er eerlijk gezegd wel behoorlijk doorheen. Als alles op is, ook de rose, lopen we terug naar de gite, waar de mevrouw intussen is gearriveerd. Ik mag mee naar een andere groepsgite op hetzelfde plein, waar ik helemaal alleen een prachtige kamer krijg met twee stapelbedden en een eigen douche en toilet en met prachtige schone witte lakens. Dat is waarschijnlijk vele malen beter dan het hotel ooit had kunnen bieden. En dat voor tien euro inclusief ontbijt. Ik slaap dan ook als een os. Stiekem heb ik wel een beetje medelijden met Roelien en Mike die keurig hebben gereserveerd en met zes man een kamer met een douche en toilet moeten delen. Maar soms heb je geluk. De volgende morgen ontbijten we samen in de gite en gaan dan met zijn drieen op weg naar Sainte Foy La Grande.  

woensdag 11 juni 2014

Zomer!

In de afgelopen dagen is het ineens echt zomer geworden. Bijna ongemerkt is het een stuk warmer en ook het licht en de kleuren in het landschap zijn veranderd.. Het lichte groen is weg en de bladeren zijn nu diepgroen. Het koren op de velden beginnen t verkleuren naar geel. Maar het meest opvallende is de beleving. Die is echt anders dan een paar dagen terug. Lomer en trager, zoals je een zomer in het zuiden voorstelt (althans ik :)).
Het begon overigens met regen. Bij het vertrek uit La Coquille regende het gestaag. Dus de poncho maar weer eens uit de rugzak gepakt en aangetrokken. Dat viel overigens niet echt tegen, want het was helemaal niet koud en het waaide ook niet. Onderweg kom ik Roelien en Mike tegen en we lopen verder samen op. Het zijn heel gezellige mensen vind ik, met wie je gemakkelijk een goed gesprek kunt opzetten. Er komt al snel behoorlijk wat voorbij zoals probelemen met demente ouders en leven met een stoma.
Al lopend verdwijnt ook de regen en voor we het weten zijn we in Thiviers. Mike en Roelien hebben daar een onderkomen gevonden op de camping en zelf heb ik een B&B geboekt bij een Nederlandse mevrouw. Die blijkt midden in de stad te zijn en weer keurig uitgerust met voor ons pelgrims naast een slaapkamer, ook een eigen verblijfsruimte. Ook zijn er goede mogeijkheden om te wassen wat altijd fijn is. Vannacht deel ik de kamer met Patrick die ik al eerder ontmoette. Als ik bezig ben de stad te verkennen belt Roelien die vraagt of ik naar hen toe kom om samen op de camping te eten. Daar is namelijk een bar en ook een winkeltje waar je van alles kunt krijgen. Het lijkt me heel gezellig dus ik pak het aanbod met beide handen aan. Alleen blijkt de camping een heel eind buiten de stad te zijn, zeker als je zoals ik eerst finaal de verkeerde kant oploopt. Dus anderhalf uur later kom ik ook daar aangekakt. Helemaal niet erg, want we hebben geen haast. Eerst maar eens een paar biertjes op het terras die de barjongen met genoegen intapt, waarbij hij zichzelf ook niet vergeet. Daarna eten we lekkere macaroni met een saus met alles wat voorhanden is. Heel lekker en zeker met de goeie wijn erbij ook heel gezellig. Als het donker wordt ga ik weer richting stad. Dit keer ben ik binnen een kwartier weer thuis, omdat ik nu over de goeie weg ga binnendoor in plaats van de linke provinciale weg met druk verkeer.
De volgende morgen loop ik samen met Patrick een kleine etappe naar Sorges; onderweg vertelt hij me over zijn leven en het overlijden van zijn vrouw en dat hij daarna een heel andere weg is ingeslagen. Boeiend om te horen, maar ook een beetje triest. In Sorges vind ik onderdak bij een ouder echtpaar in een groot huis. Omdat ik vrij vroeg ben, is er tijd om het stadje en de kerk te bekijken. Die is net mooi gerestaureerd en erg de moeite waard. 's Avonds eet ik mee met de mensen waar overnacht. Ik krijg een heerlijke kastanjesoep en verse pate. Prima kost voor een hongerige pelgrim. Ook dit echtpaar klaagt steen en been over de situatie in Frankrijk en met name over de inflexibele arbeidsmarkt. Na een prima nacht loop ik de volgende morgen richting Perigueux. Onderweg kom ik Mike en Roelien weer tegen en we lopen samen op. In Perigueux heb ik afgesproken met onze oude buren en nu vrienden van de Biltstraat. Als het goed is zitten ze in hetzelfde hotel. Ook Jack komt dit weekend naar Perigueux dus het wordt een drukte van belang. De wandeling met Roelien en Mike is weer heel gezellig en voor we het weten zijn we in de stad. Ik laat hen achter bij hun overnachtingsadres en zelf loop ik door naar mijn hotel, midden in het centrum.

















dinsdag 3 juni 2014

Richting het zuiden; dag 55 en 56

Na het station van Limoges te hebben verlaten loop ik dwars door het centrum richting buitenwijken. Er zijn best een paar mooie straten met vakwerkhuizen, maar hoe meer ik richting buitenwijken kom, hoe meer flats en nieuwbouw. Ik passeer het academisch ziekenhuis, dat er gigantisch uitziet en ook nog een universiteit. Plotseling sta ik weer midden op het platteland met boerderijen en buitenhuizen. Het zonnetje schijnt lekker en ik stap goed door, want ik moet zo'n 29 kilometer afleggen vandaag. Dat gaat best vlot en hoewel het veel asfalt is vind ik het wel een mooie route en er is ook weinig verkeer. Omdat de route vandaag door een aantal dorpen loopt is er ook de mogelijkheid koffie te drinken en eten in te slaan. Zo rond half vier kom ik bij het laatste dorp. Hierna nog anderhalve kilometer tot mijn overnachtingsadres. Eerst maar wat drinken. Als ik daarna weer verderloop kom ik er achter dat in het boekje een fout is gemaakt met de afstand. Het is niet anderhalve kilometer maar minstens viereneenhalve kilometer. Dat tikt behoorlijk aan zo op het eind van de dag en op mijn tandvlees bereik ik mijn slaapadres. Gelukkig is het met eten, dus hoef ik niet op zoek naar een restaurantje dat open is.
's Morgens doe ik rustig aan omdat ik pas om half zes terecht kan bij mijn volgende adres en ik geen zin heb om daar uren te wachten. Net als ik wil vertrekken stappen Roelien en Mike de bar binnen om te ontbijten. Ze hebben de nacht op een camping doorgebracht in een hut samen met Ton en Thea. Het was nogal krap begrijp ik, zodat ze even behoefte hebben aan ruimte en rust. Dus vertrek ik meteen maar. Onderweg kom ik eerst Ton en Thea weer tegen als ik in het volgende dorp koffie aan het drinken ben en later ook Mike en Roelien weer als ik mijn brood zit te eten. Zo kom je elkaar dus voortdurend tegen. Omdat ik toch al om half vijf in La Coquille ben, waar ik zal slapen ga ik even wat drinken in de lokale kroeg, omdat het hotel pas om half zes opengaat (!). En ja daar komen Mike en Roelien al weer aan, want die mogen pas om zes uur naar binnen. Een paar biertjes later vertrek ik naar het hotel dat gelukkig open is en waar ik zelfs een heus bad heb. Altijd handig voor het uitwassen van je kleren. Geheel onverwacht krijg ik in het hotel echt een prima maaltijd. Nu eens niet  de gestampte pot, maar lekkere varkensrollade met abrikozen. Echt goed. Daar slaap je goed op!



Donjon in Les Cars



Schuurtje onderweg


maandag 2 juni 2014

Met Erik door de Limousin; dag 51 t/m 54

De afgelopen dagen ben ik met Erik door de Limousin gelopen. Afgelopen woensdag hebben we elkaar ontmoet in La Souterraine en in de vier dagen daarna zijn we naar Limoges gelopen. Het waren heerlijke dagen. Heel gezellig samen en prachtig wandelweer. Niet te warm, zonnig met af en toe een wolkje en door een prachtig en afwisselend landschap. De eerste dag zijn we vanuit La Souterraine naar Benevent gelopen. Daar hadden we een erg leuke B&B en kwamen we Mike en Roelien weer tegen, die we ook al eerder zagen. De volgende dag na het ontbijt door naar Billanges. Weer een hele mooie wandeling. Daar hadden we ook weer een B&B geboekt bij Francoise. Dat was weer eens een bijzondere ervaring. Francoise is Kunstenares en heeft alles in haar huis tot kunst verheven. Dat leidt ertoe dat de vloer bestaat uit zevenenvijftig soorten tegels een beetje zoals het uitkomt en dat de balken van het plafond allemaal een andere kleur hebben. Interessant maar wel een beetje erg onrustig. Verder stonden de bedden op haardblokken en waren de wanden niet meer dan houten schotten, zodat het net was of je bij elkaar op de kamer lag. Francoise zelf liep hier nogal luid kakelend doorheen en trakteerde ons op haar jaren zestig en zeventig muziek. Al met al weer een interessante belevenis, maar gelukkig maar voor een nacht. Na het ontbijt zijn we de volgende morgen snel op weg gegaan naar Saint Leonard de Noblat, onze volgende stop. We kwamen al vroeg aan want het was een korte etappe. Saint Leonard is een heel mooi stadje, met een grote romaanse kerk met een hele hoge vierkante toren die bovenin zelfs achtkantig is (net als de Dom?). Het stadje heeft echt karakter. Wat het helemaal leuk maakte is dat we in een Chambre d'hote terecht kwamen die echt perfect was. Hele mooie kamers met een prima badkamer, die nu eens wel netjes en af was. Echt lekker, zeker na de nacht bij Francoise. De volgende morgen zijn we doorgelopen richting Limoges. Met Erik wandelen is niet alleen erg gezellig, maar ook vertrouwd. We hebben zo'n beetje hetzelfde tempo en hij kan ook lekker zeuren en zeiken, zodat we altijd plezier hebben. We kunnen zowel praten als zwijgen wat het allemaal erg ontspannen maakt, want er hoeft niks.
Limoges is een grote stad met ook al weer een hele mooie kerk. Toen we om vier uur bij ons hotel kwamen bleek dit gesloten zijn. Ook na drie keer bellen kwam er niemand, totdat we een bordje zagen, dat het op zondag pas om vijf uur openging. Weer zo'n Franse verassing! Je hebt een sterrenhotel, maar dat is voor gasten pas na vijf uur toegankelijk. Heel normaal toch? Je valt hier steeds van de ene verbazing in de andere. Door de vertraging moest ik me nog haasten om op tijd de was te doen voor de komende week, maar uiteindelijk was alles weer schoon en droog zo rond half acht. Dan maar lekker eten op onze laatste avond samen. Nou dat dacht je. Hoewel er ongeveer 140.000 mensen in Limoges wonen en het een prachtige zondagavond is, zijn alle restaurants gesloten in de stad. Op zondag wordt hier dus 's avonds niet gegeten. Met je Nederlandse achtergrond en mentaliteit is dat echt onbegrijpelijk! Een grote stad en alles dicht. Met heel veel moeite vinden we uiteindelijk een Ierse pub, waar we een biefstukje kunnen eten. Je krijgt hier echt het idee, dat mensen niet geinteresseerd zijn in geld verdienen of ondernemen en ook dat er geen terras of buitenleven bestaat zoals in Italie of Spanje of bij ons. Echt een vervreemdende ervaring weer.
De volgende morgen staan we vroeg op en na het ontbijt breng ik Erik naar het station waar hij de trein terug zal nemen naar La Souterraine, waar zijn auto staat. Het station is echt een prachtig gebouw met een hele grote klokkentoren ernaast. De moderne voorzieningen zijn prima verwerkt in het historische pand. Dat dan weer wel. Om vijf over acht glijdt Erik met de TGV het station uit richting huis en pak ik mijn rugzak om weer alleen verder te lopen.

La Souterraine


Benevent

In de tuin van de Chambre d'Hote


St Goussaud is het hoogste punt op de Franse route




Op weg naar Billanges



Kerk van St Lenonard de Noblat




Bijna in Limoges




Station Limoges


Vertrek Erik 😢